- Watervloerverwarming werkt met lage watertemperaturen en past goed bij een warmtepomp of hybride systeem.
- In bestaande woningen wordt er ingefreesd, op een dun systeem gelegd of een nieuwe dekvloer gestort.
- De verdeler, de lengte van de lussen en de isolatie onder de leidingen bepalen of de vloer gelijkmatig warm wordt.
- De vloer erop moet een lage warmteweerstand hebben; Milieu Centraal noemt maximaal 0,15 m²K/W.
- Een nieuwe dekvloer of egalisatie moet volgens schema opgestookt worden voordat de toplaag erop gaat.
Hoe watervloerverwarming werkt
Bij watervloerverwarming liggen kunststof leidingen in lussen door de vloer. Warm water uit de cv-ketel of warmtepomp stroomt via een verdeler door die lussen, geeft warmte af aan de vloer en gaat afgekoeld terug. Omdat het oppervlak groot is, is een lage watertemperatuur genoeg.
Volgens Milieu Centraal mag de vloer in de kamer niet warmer worden dan ongeveer 29 graden, en in de badkamer 33 graden, omdat het anders niet prettig voelt. De watertemperatuur is daarom maximaal 45 graden, en vaak is 30 graden haalbaar. Dat maakt vloerverwarming een goede combinatie voor een warmtepomp. Het betekent ook dat een vloer traag reageert: snel opwarmen voor een avond lukt minder goed dan met radiatoren.
Drie manieren in een bestaande woning
Bij nieuwbouw komen de leidingen op isolatie en wordt er een dekvloer overheen gestort. In een bestaande woning is dat niet altijd mogelijk, omdat de vloer dan te hoog wordt. Daarom kiezen we per situatie uit drie hoofdroutes.
Infrezen betekent dat we sleuven in de bestaande dekvloer frezen en de leidingen daarin leggen. De vloer wordt nauwelijks hoger. Het werkt alleen als de dekvloer dik en stevig genoeg is en er geen leidingen of elektra in liggen op de freesbaan. Een dun systeem met een noppenplaat of dunne leidingen op de bestaande vloer, afgewerkt met een egalisatielaag, kost een paar centimeter hoogte. Een volledig nieuwe opbouw met isolatieplaten, leidingen en een nieuwe dekvloer geeft het beste rendement, maar vraagt de meeste hoogte en droogtijd.
| Methode | Extra hoogte | Geschikt als |
|---|---|---|
| Infrezen | Vrijwel geen | Stevige, dikke dekvloer zonder leidingen op de freesbaan |
| Dun systeem met egalisatie | Enkele centimeters | Weinig hoogte beschikbaar, vlakke ondergrond |
| Isolatie en nieuwe dekvloer | Het meest | Grote renovatie of aanbouw, vloer gaat er toch uit |
Isolatie onder de vloer
Warmte gaat alle kanten op, ook naar beneden. Ligt de vloerverwarming op een betonvloer boven een koude kruipruimte, dan verdwijnt een deel van de warmte naar onder. Bij een nieuwe opbouw komen er daarom isolatieplaten onder de leidingen. Bij infrezen kan dat niet, en dan is isolatie aan de onderkant van de vloer, vanuit de kruipruimte, het overwegen waard.
Langs de wanden leggen we altijd een randisolatiestrook. Die vangt de uitzetting van de warme dekvloer op en voorkomt scheuren. Op een houten verdiepingsvloer gelden andere regels: daar gebruiken we systemen die geschikt zijn voor een lichte constructie en letten we op het gewicht. Meer over isoleren leest u op onze pagina over isolatie.
Ze hebben in 1 week tijd de hele beneden verdieping stucwerk gerepareerd, geschilderd en gesausd tot volle tevredenheid. Netjes en accuraat gewerkt, flexibel geweest en vakwerk afgeleverd. Dus top.
Verdeler, lussen en indeling
Het hart van de installatie is de verdeler. Daar komt het warme water binnen en wordt het over de lussen verdeeld. Elke lus heeft een eigen kraan en vaak een doorstroommeter, zodat de installateur per lus de hoeveelheid water kan instellen. Bij een systeem dat met een eigen pomp en mengklep werkt, zorgt een circulatiepomp bij de verdeler voor de stroming.
De indeling bepaalt een groot deel van het resultaat. Lussen mogen niet te lang zijn, anders komt het water aan het eind te koud aan. Bij grote ruimtes komen er daarom meerdere lussen. Bij ramen en buitenmuren leggen we de leidingen soms dichter bij elkaar, omdat daar meer warmte nodig is. De plek van de verdeler kiezen we zo dat de aanvoerleidingen kort blijven en hij bereikbaar is voor onderhoud.
Na het leggen wordt de installatie afgeperst: de leidingen worden onder druk gezet en er wordt gecontroleerd of de druk blijft staan, voordat er een dekvloer of egalisatielaag overheen gaat.
- Plek van de verdeler: centraal, bereikbaar, niet in de koudste hoek.
- Aantal en lengte van de lussen per ruimte.
- Leidingafstand bij ramen en buitenmuren.
- Regeling per ruimte met een thermostaat of op de verdeler.
- Drukproef vastleggen voordat de vloer dicht gaat.
Drogen en opstoken
Een nieuwe dekvloer of een dikke egalisatielaag bevat veel water. Dat moet eruit voordat er parket of pvc op komt, anders gaat het vocht in de vloer zitten. Bij vloerverwarming wordt de vloer na de eerste uithardingstijd volgens een opstookschema langzaam warmer gestookt en daarna weer afgekoeld. Het schema hangt af van het type dekvloer en het advies van de leverancier.
Wie hier haast maakt, krijgt scheuren in de dekvloer of een toplaag die later loslaat of gaat bollen. Daarom plannen we dit in. Pas als de restvochtigheid laag genoeg is, leggen we de toplaag. Lees ook egaliseren en de ondergrond voorbereiden.
Tip van de vakman: Vraag om het opstookprotocol op papier, met de data waarop de vloer warmer is gezet. Dat is handig voor de vloerenlegger en voor de garantie van de vloer.
Welke vloer erop past
De vloer bovenop bepaalt hoeveel warmte de kamer in komt. Milieu Centraal adviseert bij vloerverwarming een vloer met een Rd-waarde van maximaal 0,15 m²K/W en noemt pvc-stroken, de meeste houten vloeren en steen als geschikt. Tegels en microcement geven de warmte het makkelijkst door. Verlijmd meerlaags parket en plak-pvc werken ook goed.
Dik tapijt en een dikke ondervloer onder een zwevende vloer werken tegen. Kies daarom de vloer en de ondervloer tegelijk met het systeem. In parket of pvc kiezen staan de verschillen tussen die twee vloeren.
Waar de prijs van afhangt
De prijs van watervloerverwarming hangt af van de gekozen methode, het aantal vierkante meters, het aantal ruimtes en lussen, en of er een nieuwe verdeler en pomp nodig zijn. Ook de bestaande vloer telt: moet er een oude tegelvloer uit, moet er isolatie onder, en hoeveel egalisatie is nodig.
De aansluiting op de warmtebron speelt mee. Wordt de vloerverwarming gecombineerd met bestaande radiatoren, dan is er soms een mengunit nodig. Bij een warmtepomp kijken we naar de watertemperatuur waarmee het hele huis warm blijft. Bij Parus doen we de leidingen, de vloer en de afwerking in één traject. Kijk op de pagina loodgieter of vraag een vrijblijvende offerte aan.
Veelgestelde vragen
Kan vloerverwarming de radiatoren vervangen?
In een goed geïsoleerd huis kan vloerverwarming de hoofdverwarming zijn. In een minder goed geïsoleerd huis is vloerverwarming soms aanvulling op radiatoren. Dat hangt af van de warmtevraag per ruimte.
Werkt vloerverwarming met een gewone cv-ketel?
Ja. Vaak komt er dan een mengunit of een verdeler met pomp, die de watertemperatuur voor de vloer verlaagt. Met een warmtepomp werkt het nog beter, omdat die juist met lage temperaturen zuinig is.
Hoe lang duurt het voordat ik de vloer kan leggen?
Dat hangt af van het type dekvloer of egalisatie en de dikte. Een dunne egalisatielaag droogt sneller dan een nieuwe dekvloer. Wij geven bij de planning aan wanneer de vloer is opgestookt en de toplaag erop kan.
Kan vloerverwarming op een houten vloer?
Ja, met systemen die daarvoor bedoeld zijn. Op een houten verdiepingsvloer letten we op het gewicht, de stijfheid van de balklaag en de isolatie onder het systeem.
Is infrezen altijd mogelijk?
Nee. De dekvloer moet dik en stevig genoeg zijn, en er mogen geen leidingen of kabels in de freesbaan liggen. Dat controleren we bij de opname.
Renovatie en afbouw vanuit Roelofarendsveen: stucwerk, badkamers, microcement, aanbouw, isolatie, vloeren, elektra en leidingwerk. Eén aanspreekpunt van offerte tot oplevering. Vragen? Bel of app +31 6 87 61 60 78.
Bronnen
- Vloerverwarming (Milieu Centraal)
- Vloeren en vloerbedekking (Milieu Centraal)
- Warmtepomp: tips en uitleg (Milieu Centraal)
Regels veranderen. Controleer uw eigen situatie altijd met de Vergunningcheck in het Omgevingsloket of bij uw gemeente.


